Livre
Néerlandais

Het muizenei

Marc De Bel (auteur), Frieda Van Raevels (dessinateur)
Dans la série:
Public cible:
6-8 ans et plus
Spikkel en Spekkie vinden een gespikkeld ei in hun boomhut. Het blijkt van een koekoek te zijn. Het valt nog niet mee om zo'n kleintje groot te brengen.
Sujet
Eieren
Niveau de lecture
AVI E5, AVI 8
Titre
Het muizenei
Auteur
Marc De Bel
Dessinateur
Frieda Van Raevels
Langue
Néerlandais
Édition
1
Éditeur
Sint-Niklaas: Abimo, 2014
76 p. : ill.
ISBN
9789462341555 (hardback)

Commentaires

Abimo zet net als andere educatieve uitgeverijen veel in op leesmethodes gecombineerd met leesplezier. Voor 'Spikkel en Spekkie' ging de uitgeverij in zee met kinderboekenschrijver Marc de Bel. De boekjes en hun personages groeien mee met de lezer. Vanaf het eerste tot en met het vierde leerjaar kunnen kinderen het reilen en zeilen volgen van de vrienden Spikkel, de huismuis en Spekkie, de rat. Het muizenei is een titel met het niveau AVI E5 (einde van het derde jaar leesonderwijs).
Het verhaal trapt af in de lente. Vader Braammuis komt hulp vragen bij de vader van Spikkel, want het hol van de braammuizen dreigt onder te lopen. Samen zoeken ze een oplossing. Als zijn moeder naar oma moet, gaat Spikkel samen spelen op de vuilnisbelt. Met nog een paar andere vrienden maken ze een boomhut, die lijkt op een nest. Een dag later vinden ze een ei in hun boomhut, dat ze warm en droog houden. ’s Nachts droomt Spikkel dat er een draakje uit het ei komt. ’s Morgens gaat hij kijken n…Lire la suite
Huismuis Spikkel gaat graag op avontuur met haar vriendje Spekkie de rat. Ze bedenkt manieren om te ontsnappen aan haar ‘huisarrest’. Dit deel in de serie 'Spikkel en Spekkie'* beslaat 26 hoofdstukjes en vertelt over de vondst van een spikkelei dat van een koekoek blijkt te zijn. Spikkel en Spekkie brengen het koekoeksjong groot, en ‘Kwoek’ speelt een reddende rol als de knaagdierholen bij de beek dreigen te overstromen. De kleurenillustraties laten de belevenissen van de dierenpersonages mooi zien; wat opvalt is de duidelijke mimiek. Het is daarom jammer dat het taalgebruik clichématig is (‘De twee lachebekken gieren het uit’) en de stijl zwak, met een overmaat aan bijwoorden om de gemoedstoestanden uit te drukken (o.a.: schalks, verveeld, misnoegd, ontzet): ze halen de vaart uit het verhaal en komen in plaats van de actie. Ook zijn het woorden die deels bij de doelgroep niet bekend zullen zijn. De vele storende variaties op ‘zegt’ in de persoonsvorm hebben dezelfde functie (o.a. vre…Lire la suite

Suggestions